Een ondernemingsplan voor het leven; het levensplan

Iedereen die binnen het zakenleven werkt of een eigen zaak wil starten, kent het ondernemingsplan, of businessplan. Het is echter vreemd dat je voor de belangrijkste zaak van het leven geen ondernemingsplan maken. De belangrijkste zaak van het leven is je leven zelf. Je ondernemingsplan (levensplan) voor het leven, bestaat ook uit een missie, visie, doelen, sterke en zwakke punten en kansen en bedreigingen. Ook moet je evaluatiemomenten en bijstelmomenten in levensplan opnemen.

1. Je missie in het leven; je ultieme levensdoelen
Het eerste onderdeel van je levensplan je levensdoel(en) is/zijn meteen het meest moeilijke onderdeel van je levensplan. Je levensdoelen zijn misschien lastig te definiëren. Bij het definiëren van je grote levensdoelen, laat je je leiden door wat je zelf wil, niet wat je ouders, collega’s, baas, of zelfs partner van je verwachten. Maak ook voor je zelf duidelijk wat je juist WEL wil, niet wat je niet wil. Onderstaande vragen kunnen het wellicht makkelijker voor je maken om je levensdoelen te achterhalen:

  • Wat wil IK nog bereiken in het leven?
  • Wie maken mij gelukkig in het leven en wie maak IK graag gelukkig?
  • Waarvoor wil IK in de ochtend graag opstaan?
  • Wanneer voel IK me goed?
  • Wanneer voel IK me gewaardeerd?
  • Wanneer voel IK me nuttig?
  • Hoe ziet mijn ideale dag eruit?
  • Waarop wil ik met mijn positief gevoel op terugkijken?

2. Je visie op het leven; je kijk op het leven
Je visie op het leven ligt in het verlengde van je missie van je leven. Je visie op het leven bepaalt hoe je jouw missie van het leven gaat bereiken. In je visie beschrijf je hoe je leven er over 1, 3, 5, 10 en 20 jaar er uit ziet. Schets hier je ideale situatie over 1, 3, 5, 10 en 20 jaar. Denk hier niet in mitsen en maren, maar denk dat alles bereikbaar is.

3. Je missie en visie concretiseren in positieve doelstellingen
Wanneer je missie en visie duidelijk hebt. Maak je concrete positieve doelstellingen. Concrete positieve doelstellingen zijn helder geformuleerd en hebben beschrijven wat je juist wil bereiken en niet wat je niet meer wilt. “Over 1 jaar niet meer rood staan.”, is geen positief geformuleerde doelstellingen, “Over 1 jaar genoeg geld hebben om 50 euro per maand te kunnen sparen.”is wel een positief geformuleerde doelstelling. “Volgend jaar wil ik niet meer boos doen tegen mijn kinderen.”is ook geen positief geformuleerde doelstelling, “Volgend jaar mijn kinderen, liefde- en respectvol behandelen.” is wel een positief geformuleerde doelstelling.

4. Je sterke en zwakke eigenschappen
Om je levensdoel en daaruit voortvloeiend je doelstellingen bereiken, moet je weten wat je sterke en zwakke eigenschappen zijn. Denk goed na over je sterke en zwakke eigenschappen. Wanneer je je sterke en zwakke eigenschappen kent, is het de bedoeling om je sterke eigenschappen nog beter in te zetten om je doelstellingen te bereiken. Vervolgens denk je na over je zwakke eigenschappen; waarom zijn dit je zwakke eigenschappen en wat kun je doen en wie kun je om hulp vragen om je over je zwakke momenten heen te helpen. Weet je niet wat je sterke en zwakke punten zijn, vraag dan aan een goede vriend, vriendin, broer, zus, ouder, leraar, docent, collega of werkgever wat je sterke en zwakke punten zijn.

5. Je kansen en bedreigingen
Sterke en zwakke eigenschappen liggen binnen je persoon. Kansen en bedreigingen liggen in je externe omgeving. Kansen en bedreigingen zijn invloeden waaraan jezelf wordt blootgesteld. Wanneer je weet wat kansen en bedreigingen zijn, kun je een plan maken hoe je kansen nog meer te benutten en de bedreigingen het hoofd te bieden.

6. Je evaluatiemomenten
Net zoals een ondernemingsplan moet je ook je levensplan regelmatig evalueren. Wil je echt gaan leven naar je levensplan, dan is het aan te raden om in het begin regelmatig te evalueren, bijvoorbeeld dagelijks of wekelijks. Wanneer het je steeds beter lukt om naar je levensplan te leven, kun je minder vaak evalueren. Uit evaluatiemomenten volgen ook bijstelmomenten. Misschien heb je een doel bereikt en weet je dat je meer kunt, of blijkt een doel niet meer geschikt.

7. Je bijstelmomenten
Wanneer je hebt geëvalueerd, weet je ook je wat je moet bijstellen. Na je evaluatiemomenten stel je je levensplan bij. Wees in je bijstellingen en dus het opstellen en bijstellen van je doelstellingen ook weer concreet en positief!

Tenslotte
Hoewel je een levensplan alleen opstelt, heb je bij het behalen van je levensdoelen wel andere mensen nodig. Ook heeft je levensplan invloed op mensen uit je omgeving. Leg je conceptlevensplan voor aan anderen, sta open voor hun kritiek en advies. Wanneer je de kritiek en adviezen waardevol vindt, stel dan je levensplan bij. Vaar anders je eigen koers.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

18 bespaartips en een passief inkomen opbouwen

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk

Bepaal je levensdoel, de zin van je leven

De kracht van discipline en doorzettingsvermogen; discipline zorgt voor succes

Bronnen:

www.pickthebrain.com